Dieterich (Diderik) Buxtehude (Helsingborg, Helsingør of Oldesloe, ca. 1637 – Lübeck, 9 mei 1707) was een
Deense-Duitse componist, klavecinist, organist, muziekpedagoog en muziekorganisator van wie de exacte
geboortedatum niet bekend is. Hij werd geboren tijdens de Dertigjarige Oorlog en er is slechts een
vermoeden, waar hij geboren is.
Dieterich Buxtehude was de zoon van de organist Johannes Buxtehude (Buxtehude is de naam van een stadje
ten westen van Hamburg). Zijn jeugd bracht Buxtehude vanaf 1641 door in het toenmalige Deense Helsingborg
en in Helsingør. Hij doorliep daar (vermoedelijk) de Latijnse school.
Zijn leraren zijn niet bekend. Aannemelijk is dat zijn vader Johannes Buxtehude de grondslag voor
zijn ontwikkeling als beroepsmusicus heeft gelegd. Johan Adamszoon Reincken, uit Deventer
(en leerling van Scheidemann) en Buxtehude waren ten minste sinds 1674 nauw bevriend met elkaar.
Een gezamenlijke studietijd (ca. 20 jaren eerder) bij Scheidemann in Hamburg wordt door enkele
onderzoekers aangenomen op basis van enkele musicalische, stilistische overeenkomsten.
Buxtehude - Toccata in d
Als organist werkte hij van 1657 tot 1658 in Helsingborg, van 1660 tot 1668 in de Marienkirche van de
Duitse kerkgemeente van Helsingør en vanaf 1668, als opvolger van Franz Tunder, in Lübeck aan de
Marienkirche. Buxtehude trouwde met diens dochter Anna Margareta - zo werd hij postuum Tunders
schoonzoon. Gedurende bijna veertig jaar stond hij aan het hoofd van het muziekleven in de
voormalige 'hoofdstad' van de Hanze (die officieel ontbonden werd in 1669).
Naast zijn hoofdtaak als organist van de Marienkirche, had Buxtehude een verplichte neventaak
als 'kerkschrijver', boekhouder, en ontving en salaris voor geleverde muzikale en boekhoudkundige prestaties.
In 1673 begon hij met het schrijven van composities voor zogeheten Abendmusiken. Dit waren concerten
die ten tijde van de Advent door Buxtehude werden georganiseerd ten behoeve van de rijke koopmanselite
van de stad en waarvoor hij speciaal composities van oratoriumachtige signatuur schreef.
Ook door virtuoze improvisaties op het grote orgel van de Marienkirche maakten deze concerten
hem tot ver buiten Lübeck beroemd.
Het model van deze Abendmusiken, waarmee Buxtehude's schoonvader Tunder ooit was begonnen,
was ontleend aan soortgelijke initiatieven in de Oude Kerk van Amsterdam, die onder leiding van
de organist ter plekke, tevens stadsmusicus, Jan Pieterszoon Sweelinck plaatsvonden ten behoeve van
de Amsterdamse burgerij.
Buxtehude schreef ondermeer triosonates en klavecimbelwerken, orgelwerken, oratoriumachtige composities
en cantates.
Dietrich Buxtehude is de beroemdste vertegenwoordiger van de Noord-Duitse Orgelschool die afstamde van
Jan Pieterszoon Sweelinck. Een bekende leerling van Buxtehude was Nicolaus Bruhns.
Het werk van Buxtehude leent zich voor een losse speelwijze en een vrije interpretatie.
De muziek die je hoort is de mooie toccata in d voor orgel.