Robert (Alexander) Schumann (Zwickau, 8 juni 1810 – Endenich (bij Bonn), 29 juli 1856) was een Duitse
romantische componist.
Schumann werd geboren in Zwickau, Hauptmarkt 5, als het vijfde kind van August Schumann en Christiane.
Zijn vader was boekhandelaar en uitgever, en dat verklaart grotendeels zijn literaire belangstelling.
Op zevenjarige leeftijd kreeg Robert Schumann zijn eerste pianoles. Zijn vader steunde de muzikale ambities
van zijn zoon: er werd een vleugel aangekocht en zijn vader luisterde met plezier naar Roberts spel.
Vader probeerde zelfs Carl Maria von Weber als pianoleraar voor zijn zoon te krijgen, tevergeefs.
Tot zijn achttiende ging Robert naar het lyceum van zijn geboortestad. Robert Schumann noteerde later:
Ich genoss eine sorgfältige und liebevolle Erziehung.
Op twaalfjarige leeftijd schreef hij zijn eerste composities, de Psalm 150 en de Ouverture met koor voor
solisten, koor en orkest met obligate pianopartij. Zijn tweede creatieve werkterrein was de literatuur:
hij schreef al jong gedichten, toespraken en artikelen en had vanzelfsprekend in de boekhandel van zijn
vader toegang tot de nieuwste werken van de bekende schrijvers en dichters van zijn tijd.
In 1826 pleegde zijn zusje Emilie zelfmoord, enkele weken later overleed ook zijn vader. Volgens de wens
van zijn moeder, maar vooral op advies van zijn curator Gottlob Rudel studeerde hij, zonder veel
belangstelling, eerst rechtswetenschap in Leipzig en Heidelberg. Het bijwonen van een concert
van Niccolò Paganini in Frankfurt am Main gaf de doorslag zich helemaal aan de muziek te wijden.
Schumann studeerde piano bij de befaamde Friedrich Wieck, maar een vingerverrekking verhinderde hem een
loopbaan als pianovirtuoos of concertpianist te beginnen. Evenals de andere studenten ging Schumann te
Leipzig bij Wieck inwonen. Hij maakte er kennis met Wiecks dochter Clara, met wie hij later zou trouwen.
Bij Heinrich Dorn in Leipzig studeerde hij in 1831 muziektheorie.
Het kwam tot een openbare breuk met de familie-Wieck. Vader Wieck had Schumann verboden Clara te ontmoeten
en ging met haar op concertreis. Maar in Schumanns werken uit deze tijd blijft Clara aanwezig. In 1837
verloofde het paar zich tegen de wil van vader Wieck. Eindelijk kon het paar op 12 september 1840
trouwen. Nog in datzelfde jaar werd Schumann door de Universiteit van
Jena tot eredoctor benoemd en maakte hij kennis met Franz Liszt.
Schumann schreef tot 1839 uitsluitend pianomuziek. Toen ontstonden de grote pianocycli, waarmee hij
beroemd zou worden. 1840 was voor Schumann het jaar van de liederencycli: hij schreef 138 liederen,
waaronder Liederkreis, op. 39, Frauenliebe und -leben, op. 42 en Dichterliebe, op. 48. Pas na het
huwelijk werd de breedte van het compositorisch oeuvre vergroot. In 1841 ontstond de
Symfonie Nr. 1 in Bes-groot, de zogenaamde "Lentesymfonie (Frühlingssinfonie)", op. 38.
De première in het Gewandhaus te Leipzig onder leiding van Felix Mendelssohn-Bartholdy was een van
de grootste successen in Schumanns carrière.
1842 werd het jaar van de kamermuziek van Schumann met de Drie strijkkwartetten, op. 41.
Ten tijde dat hij met het wereldlijke oratorium Das Paradies und die Peri, op. 50 triomfeerde,
liep het minder goed met zijn werk als compositieleraar aan het nieuwe conservatorium.
Robert Schumann behoorde zonder twijfel tot de belangrijkste componisten van de muzikale periode van
de Romantiek. Hij heeft niet alleen een groot aantal belangrijke pianowerken en liederen nagelaten,
maar verkende met zijn late koor- en orkestwerken vaak nieuwe mogelijkheden.
De muziek die je hoort is het begin van het pianoconcert opus 54. De midifile kun je hier downloaden: