Akkoorden bij een liedje schrijven in 4 stappen.
3. De akkoordverbindingen.
Wanneer we akkoorden na elkaar gaan zetten moet je je aan een paar regels houden.
Welke akkoorden mag je na elkaar gebruiken en welke niet?

I - IV is goed
I - V is goed
IV - I is goed
IV - V is goed
V - I is goed
V - IV is niet zo geslaagd.
Een cadens is een groepje akkoorden dat duidelijk de toonsoort weergeeft. Zo'n groep komt vaak voor aan het einde van een liedje of soms ook in het midden.
Probeer als het mogelijk is, een liedje daarmee te laten eindigen.
De akkoordverbinding V-IV is in de klassieke harmonieleer niet toegestaan, maar komt in de lichte muziek en in Volksmuziek toch vaak voor.
Gebruik de verbinding met mate en doe het weloverwogen.
tenslotte is daar het I 6/4 akkoord, de tweede omkering van trap I. Dit akkoord mag je alleen in de cadens gebruiken, vlak voor trap V.