14 - De zevende trap


Zoals uit het onderstaande voorbeeldje blijkt, staat de nevendrieklank VII trapsgewijs tussen V en II.
VII heeft met V gemeen, de belangrijkste tonen van de drieklank, namelijk grondtoon en terts.
VII heeft met II gemeen, de minder belangrijke tonen van de drieklank.

Omdat VII de belangrijkste tonen met V gemeen heeft, is de functie van VII gelijk aan die van V, dus dominantisch.
De VIIe trap kan zelfstandig en onzelfstandig voorkomen.

1. De onzelfstandige VII wordt beschouwd als "bovenbouw" van V7 en lost dan ook op naar I.
2. Bij de oplossing stijgt de grondtoon en daalt de kwint, behalve naar I6.
3. Deze onzelfstandige VII het liefst schrijven als sextakkoord. Het kwart-sext-akkoord is verboden.
4. Van deze trap VII mag alleen de terts worden verdubbeld. De daaropvolgende I krijgt ook een dubbele terts.
5. Vaak kost het weinig moeite om VII te vervangen door V7. Doe dit dan ook.

1. De zelfstandige trap VII gedraagt zich als een onafhankelijke trap.
2. De zelfstandige trap VII lost op naar III.
3. De zelfstandige VII het liefst schrijven als sextakkoord. Het kwart-sext-akkoord is verboden.
4. Van deze VII mag de terts niet worden verdubbeld.